Snert en Stamppottocht

Zuurkool met worst en af en toe een drankje

Vrijdag 11 oktober. Verzamelen bij WV De Amer in Drimmelen. Het is een grijze, koude en regenachtige dag waarbij je eerder geneigd bent om aan Sinterklaas in het algemeen en Zwarte Piet in het bijzonder te denken dan aan een Toertocht. We worden liefderijk opgevangen door Hans (de Godfather van deze tocht) en Dick.

Het regent pijpenstelen bij het aanleggen. In alle schepen brandt de open haard. Om vijf uur voor de borrel naar het clubhuis. Het is gestopt met regenen maar het is wel koud. Acht graden Celsius officieel, gevoelstemperatuur van drie. Hans opent, na het nuttigen van hier en daar een hapje en een drankje, officieel de ’Stamppot en Snerttocht’. We vertrekken met diverse auto’s naar het nabij gelegen restaurant, ’Aan de Amer’. We genieten er van een behoorlijk culinair hoogstandje (stamppot? Nooooit van gehoord). Als dit zo doorgaat moeten we aan het einde van de rit extra drijflichamen aan onze schepen laten lassen. Later die avond bereikt ons het bericht dat ons aller vriendin Yvonne van Leeuwen is overleden. Een akelig iets na een gezellige dag.

De 2e dag van de Peen en Uientocht begint met een verjaardag in het clubhuis. José geeft een partijtje en trakteert op koffie met gebak. Na het bellenblazen en het zaklopen gaan we om 11.00 uur de eendjes voeren met ’eendenvoerspecialist’ Jan Reuser. Ik heb nooit geweten wat een eendenkooi precies inhoudt, maar nu wel. Niks hertenkamp voor eenden, druk bezocht door kindjes met restanten brood. Hier zijn door de jaren heen op keiharde wijze wilde eenden in een soort misdadige fuik gelokt om in een steeds smaller wordende pijp aan het einde de pijp uit te gaan. Daarna verder met het gezellige bootje en een gezellig wijntje en de nodige broodjes weer de Biesbosch door naar de boerderij van Amalia. Als ik hier dieper op in zou gaan dan is dit onvolprezen magazine na één verslag al bijna vol dus ik volsta met te zeggen dat dit een prachtige tocht was waarbij het weer goed meewerkte. Gelukkig hebben we om vijf uur weer een borrel want om drie uur die middag hebben we pas drie drankjes op. Deze avond een heerlijk stamppotmenu in de kantine van De Amer. Hierna een boeiende demo van wereldzeiler Henk Oosterwijk, de nieuwe vriend van Laura het zeilmeisje. Zeer interessant maar je moet wel veel opzij zetten voor zoiets. Hij zeilde in twee jaar tijd de wereld rond in zijn Miget 29, de ’Sogno d’ Oro’. Naar Canaria, Panama, Australië, doorstaat daarbij lange windstiltes, vreselijke stormen maar de beloning: leuke zeilmeisjes bij Tahiti. Prachtig verhaal.

De derde dag van de Zuurkool met Worsttocht voert van Drimmelen naar de Lithse Ham. De orkaan ’Gerda’ slaat deze morgen hard toe. Dick vaart voorop vanwege zijn ervaring met de Trans Siberië Expres. Die zeezeiler Henk van gisteren heeft een staartje van die storm die hij gisteren liet zien blijkbaar hier achtergelaten want het is echt noodweer en helaas voorlopig nog niet afgelopen. Ergens aan het eind van de middag misschien een lichtpuntje. Rond 12.00 uur passeert ons konvooi het prachtige Heusden dat door onze beslagen ramen een trieste indruk maakt. Na verloop van tijd wordt er steeds harder gevaren. Het lijkt of ik geflitst word door een flitspaal, maar dat is Els van de White Horse die een foto van onze boot maakt. Om twee uur liggen we zo goed en zo kwaad als het gaat afgemeerd in jachthaven De Lithse Ham. Nu allemaal even op temperatuur komen. We hebben spijt dat we geen handschoenen mee hebben genomen. Om zes uur naar restaurant Goed Toeven voor de dagelijkse borrel en daarna weer een geslaagde pot erwtensoep, rode kool met appelmoes en de rest van wat we dagelijks kunnen verwachten. Er wordt gefluisterd dat sommige mannen een andere kajuit toegewezen hebben gekregen van de dames in verband met oorlogsgeluiden en meer.

De orkaan ’Gerda’ is op de vierde dag van de Bruine Bonentocht weer gaan liggen en ook de temperatuur is een stuk aangenamer. Onze Hopman Dick neemt ons weer vakkundig op sleeptouw en zorgt dat er geen gaten vallen, iets waar hij beroepsmatig altijd al tegen heeft gevochten. Hans zorgt er met zijn Bezemboot voor dat niemand pech krijgt. De ’Maximasluis’ gaat, vanwege onze koninklijke status, direct voor ons open. Op naar Niftrik naar WV De Batavier. Rond de borrelklok begeven we ons naar het havenrestaurant. ’Gerda’ doet inmiddels pogingen om terug te komen. Het regent weer en de temperatuur daalt. Maar we zitten inmiddels weer veilig in het clubhuis. We vragen ons af wat Hans en Dick vanavond te eten gaan maken. Nou zeg, alweer erwtensoep maar dit keer van een steviger soort. Roggebrood met ham erbij en ook nog een prima toetje. Hulde voor die Batavieren in Niftrik.

Op de vijfde dag van de Rode Kooltocht is de stad van ons aller ’Flipje’ (die we nog zo goed kennen uit onze jeugd) ons doel. Je hebt volgers en geboren leiders. Dick van der Pol behoort tot de laatste categorie. Hij mag van Godfather Hans weer voorop varen. Wij moeten kort bij hem aansluiten omdat hij bang is ons te verliezen. De sluis in Grave staat bij aankomst weer open. Goed geregeld! Het weer is een stuk prettiger zodat ik van de gelegenheid gebruik maak om enkele schepen in volle vlucht te fotograferen. Na het verlaten van de sluis in het Maas-Waalkanaal wagen een paar beroepsschippers het om ons kanaal 72 te gebruiken voor onzinnige gesprekken. Iemand van ons konvooi gooit er tussen door ’Het lijken wel een stel wijven’. Er volgt onmiddellijk een reactie. Schipper 1: ’Hoor je dat stelletje kartonnendozen?’. Schipper 2: ’Ze zullen toch wel pampers aan hebben? Tuurlijk, zonder durven ze vast de Waal niet op. Ha, ha.’ Niemand zegt meer wat. We komen allemaal in goede staat Tiel binnen, helaas weer in de regen. Zachtjes tikt de regen tegen het zolderraam, ritme van de; nee eenzaam zijn we niet met dit stel. Tot zes uur in de schattige kantine daarna naar de Vietnamees, Het eten is echt bijzonder en die meisjes van de bediening hebben het helemaal.

De zesde dag van de Stamppot Andijvietocht (woensdag 16 oktober) gaan we missen. We gaan naar de begrafenis van Yvonne van Leeuwen. Wolf Lijmer van de Gin-Fizz fungeert deze dag als gastverslaggever: ’Na een tripje van nog geen twee uur aankomst in Wijk bij Duurstede. De gemeentehaven is voor passanten maar er is geen havenmeester. Met het nodige pas- en meetwerk vinden we allemaal een plekje. Die middag een excursie naar de Korenmolen Rijn en Lek die speciaal voor ons aan het draaien is gebracht. De molenaar Willem Metz is een ex-KNMC’er en een oud-lid van het Schipperskoor. Hij geeft ons uitvoerig uitleg. De molen is de enige in Nederland die op een stadspoort is gebouwd en stamt al uit 1659. Veel onderdelen zijn nog origineel uit die tijd. De kop waar de wieken aan vastzitten loopt op wielen en is met weinig inspanning op de wind te draaien. Deze kop weegt veertien ton. We zijn met de heren heel veel trappen opgeklommen (de dames gaven het halverwege op) en hebben alle functies bewonderd. Onvoorstelbaar wat toen al technisch voor elkaar is gebracht met tandwielen, lieren en allerlei houtsoorten die elkaar niet bijten. We weten nu hoe de onderste steen boven komt en hoe je een klap van de molen krijgt. Een heel bijzondere ervaring.’

Dankjewel Wolf! We pikken het Konvooi op deze zevende dag van de Stamppot met Uientocht weer op in IJsselmonde. We zijn blij dat ieder hier keurig is aangekomen. Toch knap zonder onze hulp. De Watersportvereniging IJsselmonde is, zoals altijd, een prima gastheer en ons geachte clublid, Aad Meijburg, tevens voorzitter van de vereniging, heet ons van harte welkom. Een van die toppers van de bediening schijnt familie van hem te zijn. Na het uitstekend verzorgde ’Captainsdinner’ nog even biljarten met een likeurtje en koffie. Na een dankwoord van de TTL zoeken we allen ons kooi op. Het vertrek uit IJsselmonde wordt de volgende dag met een paar uur uitgesteld. Het zicht op de Maas is nog geen dertig meter. Van uitstel komt in dit geval afstel. Ook als het na twaalf uur nog lukt, zullen we veel te veel stroom tegen hebben en Middelharnis niet meer voor donker kunnen bereiken. Maar het is geen straf hoor. Het Belastingmuseum, de stad. We vermaken ons wel. Om 18.00 uur terug voor het Happy Hour waar TTL Hans de inzet van de vrijwilligers van IJsselmonde prijst.

De negende dag van de Mist en Stamppottocht. Ik schrik om acht uur wakker omdat ik denk dat de buurman zijn motor start. Achteraf blijkt het gesnurk te zijn van iemand naast mij. Heeft ze altijd na een tekort aan droge witte. Deze dag worden we begroet door een lieflijk zonnetje dat ons doet twijfelen of we de kap er af zullen halen of niet. Ook valt ons een grote eer te beurt; wij mogen, met onze kartonnen doos, weer achter de Maritieme Baas varen. De stroom stribbelt vanmorgen nogal tegen zodat we op de Noord maar 10 kilometer per uur halen. In Willemstad is het weer ludiek gezellig om in die kom te liggen. Jaloerse blikken vergapen zich aan onze schepen. Het is windstil maar met enige regelmaat komen er wel wat druppels naar beneden. Om zes uur naar de borrelbar van ’Het Wapen van Willemstad’ compleet met openhaardje en herenkamer. Huub van Susante is 65 geworden (geloof ik) en wordt overladen met cadeaus, gezang en liefdesuitingen.

Het is direct het einde van de tocht. Wij persoonlijk, van de Filou, hebben het een fantastische tocht gevonden, waarbij de elementen zich van alle kanten hebben laten zien. Goed eten en niet zo veel gedronken geloof ik, want we krijgen nog heel wat geld terug. We spreken af om de volgende ochtend, vlak voor dat iedereen zijns weegs gaat, nog even de groepsfoto te maken. Het weer werkt erg mee en iedereen heeft na de fotoshoot een prachtige dag voor de boeg. Want het zou wel eens 20 graden kunnen worden.

Paul Graafland

Reacties zijn gesloten.