IJsseltocht

Een dolle tocht door Giethoorn bij nacht

Wat een IJsseltocht moet worden is een tocht door het noordwesten van Overijssel geworden. De reden hiervoor: niet genoeg geschikte havens langs de Gelderse IJssel. Het loopt dus allemaal wat anders dan gedacht. Maar het wordt wel een hele mooie en gezellige tocht. Met dank aan Toertochtleiders Ton, Jantine, Oeds en Gerda. En uiteraard, niet te vergeten, met dank aan onze penningmeester Ronald.

We schrijven zondag 18 augustus. De plaats van handeling: Hattem. Ton is reeds aanwezig om een ieder persoonlijk te verwelkomen en naar een box te begeleiden. Om 16.00 uur eerst bij de penningmeester langs. Daar staan hapjes, een borrel, biertje en een wijntje gereed. Het levert op de Jasmijn een gezellige kennismaking op en een lichtere portemonnee. We moeten wel een beetje oppassen waar we staan, het kontje heeft soms de neiging wat teveel in het water te duiken. Die lichtere portemonnee wordt verzorgd door penningmeester Ronald. Nadat hij ieder van de gevraagde duiten heeft ontdaan, gaat hij er, getooid met Al Caponehoed en met de schatkist onder de arm, vandoor. Zijn mededeling: ’Mijn dag kan niet meer stuk…’ Maar hij is er daarna gelukkig weer wel bij als het gezelschap rond de klok van zeven naar het ’Spookhuys’ gaat voor het openingsdiner. Het wordt een culinair feestje op de bovenverdieping van dit gezellige restaurant. Het is het enige gedeelte wat over is van de Burcht St Lucia uit de Middeleeuwen. Werkelijk een ’aanrader’.

De volgende dag staat in Hasselt het Safaridiner op het programma. Voordat we op eigen gelegenheid richting Hasselt vertrekken – er wordt deze tocht niet in kiellinie gereisd – krijgt een ieder onder strikte geheimhouding een ’opdracht’ van Gerda mee. Voorgerechten, hoofdgerechten en nagerechten voor zes personen worden zo verdeeld. Om zeven uur ’s avonds zijn alle koks klaar en verdeelt de groep zich over de schepen. Om zich vervolgens, na het nuttigen van het gerecht weer naar een ander schip te spoeden. De enorm geslaagde avond wordt op de Sea Eagle afgesloten. Arie is jarig en we worden verwacht voor een push café bij Arie en Joke. Het zingen van het ’lang-zal-hij-leven-lied’ voor Arie vormt het begin van een hele gezellige afsluiting van een zeer geslaagde dag.

Onder leiding van onze bepaald humoristische gids Driekus (de voormalige koster van de Grote Kerk) trekken we de volgende ochtend historisch Hasselt, een leuk stadje met smalle straatjes en mooie pandjes, in voor een stadswandeling. De wandeling begint bij het Toeristisch Informatiepunt, gevestigd in de voormalige burgemeesterskamer van het oude Stadhuis. Dit is een prachtig gebouw uit 1550, een laatgotisch pand dat behoort tot de oudste raadhuizen in Nederland. Het interieur is bijzonder gaaf bewaard gebleven. Er is een sfeervolle trouwzaal met schilderijen uit de 17e eeuw en een antieke wapencollectie met haakbussen, morgensterren en hellebaarden. Het aanzicht van Hasselt wordt gedomineerd door de Grote of Sint Stephanuskerk. De kerk is voltooid in 1497 en geniet landelijke bekendheid om zijn goede akoestiek en de prachtige klank van het Rudolf Knol orgel. De stadsbeiaardier geeft regelmatig een concert op het onlangs gerestaureerde carillon in de Toren. Na een ’vrije middag’ gaan we met de hele groep naar Kookstudio ’De Herderin’. De mannen worden aan het werk gezet en het dient gezegd: het is bepaald verrassend en lekker wat er na anderhalf uur op tafel wordt gezet.

De deelnemers aan de Toertocht zijn ook de volgende (woens)dag weer vrij om zelf te bepalen wanneer de reis naar Meppel wordt ondernomen. Wel staat er ’s middags een bezoek aan het Drukkerijmuseum op de rol. Dat valt niet tegen! Vrijwilligers houden in een fraai opgeknapt oud pakhuis de oude ambachten van typograaf, zetter en drukker in ere en vertellen enthousiast over deze inmiddels bijna verdwenen ambachten. Ze demonstreren hoe teksten op de verschillende drukpersen worden afgedrukt en er kan ook kennis worden gemaakt met het papierscheppen en met handboekbinderij. In de binderij wordt getoond hoe oude boeken en tijdschriften worden gerenoveerd. Het Drukkerijmuseum is een ’levend museum’ en zeer de moeite waard om te bezoeken.

De tocht voert verder van Meppel naar Giethoorn, waar bij Jachthaven Zuiderkluft plaatsen zijn gereserveerd. Het wordt een mooie, rustige vaartocht. Mooi want er is veel groen en er worden talloze boerderijen gepasseerd. Rustig, want de eerste afspraak is pas om 19.00 uur: een uitgebreide barbecue, gelukkig inclusief wijn- en frisdrank. Wél je eigen glazen meenemen. De dag wordt door een deel van de tochtgenoten benut om een fietstocht door de omgeving te maken. Giethoorn en de Wieden – het blijft er leuk en mooi. De barbecue op het grasveld naast de boten wordt een groot succes. Ook al omdat het opzetten van de tent dankzij de inzet van 540 jaar mannelijke werkervaring geen problemen van betekenis oplevert én de weergoden hebben besloten mee te werken. Er kan nog tot laat buiten worden gezeten.

Vrijdag 23 augustus alweer. Voor de meeste onder ons een prettige dag: de AOW is weer gestort. Vandaag blijven we in Giethoorn liggen en gaan een gezellige boottocht door het dorpje maken. Maar eerst is er de workshop ’knopen leren’ die door Arie wordt gegeven. Je denkt al snel: dat weten we wel. Maar dat blijkt in de praktijk anders. We gaan aan de slag met onze lijntjes en gebruiken het lichtzuiltje op het veld als bolder. Het zandzakje aan het eind van de lijn is een goede uitvinding van Arie. Het overgooien naar een boot in nood wordt daar een stuk eenvoudiger door. Met de rondvaart door Giethoorn (in 1230 door vluchtelingen gesticht, toeristisch groot geworden nadat Bert Haanstra daar in 1958 zijn film ’Fanfare’ heeft opgenomen) is vervolgens ook helemaal niets mis. De schipper van de houten rondvaartboot is een in Giethoorn geboren student die een schitterende rondvaart van twee uur moeiteloos volpraat met de aardigste anekdotes. De punters in de grachtjes en op het meer blijven een bezienswaardigheid. Een voorstel van Ton om gezamenlijk uit eten te gaan (dus om zonder pannen te gaan koken) mét aansluitend een nachtelijke vaartocht door Giethoorn wordt in meerderheid als een goed voorstel gezien. Om kwart over zeven vaart dit keer de boot van restaurant ’Hollands Venetië’ voor. Het diner is meer dan uitstekend, maar blijkt in wezen slechts het ’voorgerecht’. Want na het avondmaal volgt wederom een vaartocht, en dat blijkt het klapstuk van de toch al zo geslaagde dag te zijn. Glijdend door donkere vaarten, met een Giethoorns ’snapje’ in de hand, met een dolkomische schipper aan het roer beleven we een dolle tocht door Giethoorn bij nacht. De gids vertelt dat hij vroeger met zijn vrienden ’s-nachts weleens ging waterskiën door de grachten van Giethoorn. Dat deden ze met drie boten. Eén boot ging vooruit om de kanalen vrij te maken, dan volgde de speedboot met de waterskiër. En de derde boot? O, dat was een politieboot… Het is een avond die niemand had willen missen.

De volgende haven is Blokzijl. Behalve de mooie tocht staat er verder geen activiteit op het programma. De dag kan derhalve naar eigen inzicht worden besteed en dat gebeurt dan ook. Zo wordt door een aantal bijvoorbeeld de fiets gepakt en richting Vollenhove gekoerst. Daar is deze dag een bloemencorso en die blijkt meer dan de moeite waard. Zoals Blokzijl zelf dat natuurlijk ook is. Het uit de vijftiende eeuw stammende stadje, met z’n oude zeesluis die al in de zestiende eeuw de monding vormt van de Steenwijker Aa, heeft een hele geschiedenis achter zich. Zo staat de stad lange tijd onder Spaans bewind, een periode die het plaatsje geen windeieren legt. Blokzijl (betekenis: versterkte sluis) verkrijgt in 1672 stadsrechten van Prins Willem III. De drost van Vollenhove vindt dat geen goed plan en zorgt er voor dat die stadsrechten nooit worden bevestigd. Blokzijl valt vervolgens weer ’gewoon’ onder het schoutambt Vollenhove. Tja, landjepik en kinnesinne – het is echt van alle tijden.

Datzelfde Vollenhove is ook de volgende etappeplaats. Slechts 5,3 kilometer varen verderop, dus er is alle tijd om de eerste regenbui van de week door de dekploeg te laten verwerken. In Vollenhove komt een touringcar het gezelschap ophalen voor een bezoek aan de ’De Orchideeën Hoeve’ in Luttelgeest op het programma. Een waar tropisch paradijs. Kassen vol met nagebootste tropische tuinen, vijvers ,vogels en vlinders. Je waant je daar in de regenwouden van Azië of Zuid Amerika. Wat vooral boeit zijn de enorm grote vissen in de vijvers en de prachtige vlinders in allerlei kleuren en formaten. En niet te vergeten de kassen met kweek orchideeën. Na op de terugweg de praalwagens nog te hebben bezichtigd die een dag eerder aan het bloemencorso hebben deelgenomen, is er even rust voordat we worden verwacht in restaurant Seidel. Daar, in dat sfeervolle restaurant aan de haven, gaat worden genoten van een geweldig viergangen afscheidsdiner. Natuurlijk worden er op deze feestelijke avond de nodige woorden gesproken. Ton dankt namens Jantine, Oeds en Gerda, de deelnemers voor hun gezellige inzet en de vierkoppige leiding van de Toertocht wordt op hun beurt in het zonnetje gezet door de dankbare deelnemers. De penningmeester geeft alle deelnemers uit de weer meegenomen enorme geldkist leuk gevulde envelopjes vanwege ’genoten meevallers’. Een fantastische tocht is ten einde.

Reacties zijn gesloten.