Consulavond Oost

Theo en Ineke leggen de lat direct erg hoog

Terugkijken kan ook een feest zijn. En dat is het dus, op die late zaterdagavond, daar in Ermelo. De eerste Consulavond Oost van Theo en Ineke van Catz is dan ook, inclusief het voorafgaande middagprogramma, meer dan geslaagd.

Dus laat Theo van Catz, zo rond middernacht, als een deel van het gezelschap nog een laatste drankje doet aan de bar weten dat het ’allemaal de moeite meer dan waard is geweest’. Het is, weet Theo, een mooi, vrolijk feest geworden: ’Geen klachten.’ En Ineke, aanvullend: ’Daar doe je het voor.’

Met de locatie kan het nieuwe Consulpaar Oost op deze november-zaterdag in ieder geval niet in de fout gaan. De Heerlickheid van Ermelo doet zijn naam aan alle kanten eer aan. Het hotel/ restaurant/ congrescentrum zelf al. Natuurlijk, het is geen buiten zoals dat in de Middeleeuwen en in de jaren daarna wel is gebouwd. Daarvoor is het allemaal te nieuw. Maar de opzet, de bouw, de fraaie terrassentuin, het feit dat je vanuit je hotel zomaar de Veluwe oploopt – het heeft heel veel. Zoals de accommodatie zelf ook over heel wat zaken beschikt. Een royaal binnenzwembad bijvoorbeeld; sauna, solarium – kortom een complete Welness beneden. En natuurlijk 127 hotelkamers én 25 (vergader)zalen in alle maten en afmetingen.

Met de centrale ligging in Ermelo is dat voor de Van Catzen ook precies de reden geweest om hier hun eerste Consulavond te houden. En, het dient gezegd, een fors deel van de KNMC is het daar mee eens. Want zeg nu zelf: als er al zo’n tachtig leden op het door Henk de Velde verzorgde middagprogramma afkomen, is dat een imponerend aantal. En als je op je eerste Consulavond zelf meer dan honderd leden én partners mag ontvangen (zeven tafels van tien, drie van elf personen), dan is het helemaal goed. Het zijn ook woorden van die strekking die Theo van Catz, mede namens Ineke, spreekt als hij de avond officieel opent. De in Oost belande Consul uit het Friese land geeft ook nog aan ’extra gemotiveerd’ te zijn door de getoonde massale belangstelling en het enthousiasme: ’Dit is een heel mooi begin, we gaan graag op deze manier door.’

Waarna de Consul niet vergeet om de aanwezigen nog even te herinneren aan Kids Maritiem 2014. De vaartochten met chronisch zieke kinderen die, na een afwezigheid van een jaar, weer op de rol staan. Voor de vijfde maal om precies te zijn. ’In het verleden is het wel eens gebeurd dat we te weinig schepen hadden. Ik kan me niet voorstellen dat we dat volgend jaar, in dit district, met al die leden die het hart op de goede plek hebben, weer gaan meemaken.’ Het applaus dat op de woorden van Theo van Catz volgt, doet vermoeden dat dat komend voorjaar allemaal goed gaat komen.

Het KNMC Schipperskoor is voor deze gelegenheid ook naar Oost getrokken. En dat blijft daar in de Heerlickheijd niet ongemerkt. Eerst beneden al, in de bar, waar na de lezing van Henk de Velde een drankje wordt genuttigd. Zo is de ’Sportsbar’ meer dan aardig gevuld, zo mis je een (Koor)mannetje, vrouwtje of 35, 40. Het zijn inderdaad de Koorleden en de bijbehorende muzikanten die naar boven zijn vertrokken om het eerste optreden, bij de binnenkomst van de gasten, mogelijk te maken. Ze doen dat trouwens niet voor niets. Het is absoluut heel gezellig om in een zaal binnen te komen als het koor al zingt.

Wat dan weer niet wegneemt dat het Schipperskoor bij het tweede optreden de zaal pas echt helemaal plat krijgt. Echt gek is dat niet. Want de mannen en vrouwen achter het koor hebben voor die gelegenheid voor vijf absolute meezingers gekozen om de sfeer enorm te verhogen. Voor de mensen die er niet bij waren, bij deze het lijstje, de in de vorm van de verschillende refreinen: ’We hebben een woonboot, zij ligt in de Amstel’, ’Daar in dat kleine café aan de haven’, ’Schuif maar aan en dein maar mee’, ’Varen, varen is toch je ware’ en ’Zing ik ay, ay yippie, yippie, yee.’ Het wordt een serieus feest. En er wordt tegelijkertijd een nieuw clublied geboren. Nee, het gaat nooit West-zuidwest van Ameland vervangen, maar dat ’Schuif naar aan en dein maar mee’ (op de golven van de zee, ouwe nipper met je klipper en je glaasje schipperbitter), dat gaat heel ver komen. Een topper! Niet eens door de tekst, als wel door de muziek en het opzwepende ritme.

Als het Schipperskoor optreedt, stopt vanzelfsprekend de andere muziek. In dit geval is het John Haze die zich even moet inhouden Als het koor de spullen heeft ingepakt, is John wel nadrukkelijk aanwezig. Nee, niet omdat hij en zijn makkers te hard tekeer gaan, maar omdat de muziek duidelijk aankomt bij het KNMC-gezelschap. Welke muziek? Welnu, overwegend heel erg Hollands, maar dan mét de inbreng van trombones en trompetten, kortom allerlei soorten toeters. De vervanger van de oorspronkelijk ingehuurde Michael van der Meer doet het meer dan uitstekend. De voetjes van de aanwezigen gaan overtuigend vrolijk en enthousiast van de vloer.

Een reden te meer voor Commodore Fred Swaab om wat later, met de microfoon in de hand, te concluderen dat de eerste Consulavond van Theo en Ineke ’een groot feest’ is geworden. Daarbij memoreert hij direct dat het de bedoeling is om een en ander langzaam op te bouwen. En lachend, na van half vier tot half twaalf super te zijn vermaakt: ’De lat is direct erg hoog gelegd. Dat belooft nog iets voor de komende jaren.’ Waarna de KNMC-voorzitter vanzelfsprekend ook nog wat serieuzer doorgaat. En onder meer de lezing van Henk de Velde aanhaalt. Een man die vooraf niet onmiddellijk op al zijn sympathie kon rekenen (’Ik zal eerlijk zijn, ik verwachtte een nukkig mens’), maar die in de praktijk niet alleen een enorm onderhoudende spreker bleek, maar in de praktijk als mens ook enorm meeviel: ’Het is duidelijk. Zijn zoon heeft hem veranderd, dat was heel leuk om te horen.’

Of er nog gegeten en gedronken wordt, daar in Ermelo? Jawel, dat wordt er. De van het KNMC-logo voorziene menukaart vermeldt een heerlijk voorgerecht in de vorm van een licht gebonden tomatensoep met pestoroom, een koud buffet waarbij onder meer plaats is ingeruimd voor gemarineerde zalm, rundercarpaccio en vitello tonnato en een warm vervolg met gegrilde zalmfilet , varkenshaaspuntjes, lasagne van rundergehakt en zacht gegaarde rundersukade (in eigen jus!). Het dessert wordt gevormd door een Omelet Sibérienne met warme kersen. Op dat moment heeft het gezelschap natuurlijk al lang door dat de geserveerde wijnen (de witte Valdecaz Blanco en de rode Navarra Basiano Tempranillo) bepaald aantrekkelijk mogen worden genoemd.

Om half elf staat op zondagochtend dan alweer het laatste deel van het oostelijke Consuldrieluik op de rol. De boswandeling. Bedoeld voor de overnachters in de Heerlickheid om lekker uit te waaien (voor zover daar in een bos sprake van kan zijn natuurlijk) en dat blijkt bij dat KNMC-gezelschap in goede aarde te vallen. Hoewel de hemel dreigt en er inderdaad af en toe wat druppels naar beneden komen, gaat er een fikse groep KNMC’ers met boswachter Jan Niebeek op pad. Niebeek is de man achter de website ’ziedeveluweleeft’ en hij vertelt daarop dat hij al van kinds af aan is aangetrokken is door de schitterende natuur die de Veluwe biedt en dan vooral door het grofwild dat daar leeft. Welnu, hij overdrijft bepaald niet met die woorden. Hier loopt een gedreven boswachter door het bos.

De boswandelaars zijn het terrein van het hotel nog niet af, of Jan Niebeek wijst aan tot waar de wilde zwijnen de afgelopen nacht zijn gekomen (’Zonder hek om het hotel hadden ze onder uw hotelkamer gestaan’), laat heel duidelijk zien hoe je kan zien dat er een rotte (groep) zwijnen in de buurt is geweest (ze wroeten de aarde dan ook wel heel erg overtuigend om), wijst een ’wildwissel’ aan (de plek waar een zwijnenpaadje het echte pad kruist) en geeft ook nog even de levensduur van de beesten aan. Een jaar of twee: ’Een everzwijn kan acht, negen jaar worden, maar omdat het er nu zoveel zijn, worden de meeste zwijnen veel eerder afgeschoten’.

En zo gaat de informatieoverdracht maar door tijdens de door de weersomstandigheden helaas tot een uurtje ingekorte wandeling. Een tocht waarop duidelijk blijkt dat de gids het liefst in de bronstijd heel vroeg het grote bos ingaat. En dan vooral om van de Edelherten te genieten (’De mooiste dieren van de Veluwe’). De meest lieve bambies veranderen – zo doceert Niebeek – in de meest imponerende vechtmachines die je je maar kunt voorstellen. En wie ooit in het echt het geluid heeft gehoord van burlende herten, die vergeet dat nooit meer. Sterker nog: die willen allemaal terug naar het bos om dat geluid weer te horen. De boswandelende groep KNMC’ers is overtuigd. Dat kan ook moeilijk anders. Deze boswachter heeft het in zich om mensen te overtuigen. Niet voor niets wordt er – eenmaal weer terug in het hotel – dan ook nog driftig nagepraat over de wandeling die de eerste Consulavond Oost van Theo en Ineke van Catz nog geslaagder heeft gemaakt dan hij daarvoor al was…

Reacties zijn gesloten.