Aanloop- en Retourtocht Noord

Een leuke tocht met een gezellige en sportieve club

We varen deze tocht natuurlijk onder leiding van Joop Helder. Hij heeft de zeventien schepen in twee konvooien ingedeeld. Sommigen varen alleen mee op de heenreis en anderen alleen op de terugreis. Zo komt het dat we heen met veertien schepen varen en terug met dertien. We vertrekken vanuit Langweer door het Zuid- Drents landschap naar Almelo en terug door het IJsseldal naar Muggenbeet.

Op zaterdag 19 april zijn we onderweg vanuit onze thuishaven naar ons vertrekpunt in Langweer. We varen via het Margrietkanaal en de Janesloot de Langweerderwielen op. De Wielen zijn erg ondiep, dus opletten en goed binnen de betonning varen. Na twee keer stuurboord uit ligt het dorpje Langweer recht voor ons. Het dorpssilhouet is als zovele in Friesland prachtig. Vanaf een afstand staat alles in zo’n dorp netjes op z’n plaats en de kerk in het midden. Als we dichterbij komen zien we duidelijk de nogal nauwe haveningang. Joop staat samen met de havenmeester bij het havenhoofd op ons te wachten. De meeste deelnemers zijn al aanwezig en liggen al netjes op hun plaats. Wij worden naar achter in de haven gemanoeuvreerd en krijgen daar, als één van de laatsten, een goede plaats. Daarna is het handen schudden en even bijpraten. ’s Avonds heeft Joop een welkomstdiner geregeld in ’t Jagertje. Dit is een restaurant met een goede naam en rijke historie. Het was Jan Jager die in 1969 een wat sleets cafetaria in Langweer omtoverde tot een sfeervol restaurant. Drie jaar lang zwaaide hij daar de scepter. Het werd een groot succes. Daarna werd het restaurant overgenomen. Onder de nieuwe leiding groeide het restaurant uit tot één van de befaamdste van Friesland. De nieuwe eigenaar werd een uitstekende gastheer, met een uitstekend personeelsteam. En nu al meer dan 45 jaar is dit restaurant een begrip in Friesland, bekroond door Michelin met een Bib Gourmand, genoteerd in de Nederlandse restaurantgidsen. Een plek om te genieten van gezelligheid en overheerlijke gerechten bereid met verse ingrediënten uit de regio.

We vertrekken de volgende dag dus in twee konvooien. Wij varen mee in het eerste konvooi, dat start om 9.00 uur. De anderen vertrekken 9. 30 uur. Via een, voor de meesten van ons, bekende maar altijd weer schitterende route gaat de tocht naar Giethoorn. We gaan via de Scharsterrijn, het Tjeukemeer, Echternerbrug, de befaamde (de Driewegsluis) de Linthorst Homansluis, Ossenzijl en Steenwijk. We meren af om 15.00 uur in Giethoorn in de Jachthaven De Zuidersluft. Om vijf uur treffen elkaar voor een steigerborrel. In de jachthaven op een lekker luw plekje achter een paar hoge schepen, want er waait een fris windje. Iedereen heeft een versnapering of een drankje meegenomen en dan gezellig sterke verhalen ophalen.

Op maandag wacht ons een tocht van 38 km. Ons vaardoel is Noordseschut. Vijf sluizen en een behoorlijk aantal bruggen. Het gaat via de Beukersluis, het Meppelerdiep, de Hoogeveensevaart, naar Noordseschut. Het is buiig weer en we moeten voor verschillende sluizen nogal eens een tijdje wachten voor we geschut kunnen worden. Dit komt onder anderen doordat de sluizen hooguit vier schepen kunnen schutten. Onze konvooien bestaan uit 8 en 6 schepen. We worden door deze situatie opgedeeld in vier konvooitjes. De laatste sluis, die in Noordseschut kan zelfs maar twee schepen tegelijk schutten. Dat wordt dus even wachten. Om 17.20 uur zijn elf van de veertien schepen op hun bestemming aangekomen. Mede door de geweldige hulp van onze Toertochtleider als hulp van de sluiswachter, is de sluiswachter bereid wat langer door te werken. Maar dan wil hij toch echt stoppen. De laatste drie schepen blijven bij de Krakeelbrug steken en zoeken daar een goede ligplaats voor de nacht.

Konvooi 1 vertrekt dinsdag om 9.00 uur richting Gramsbergen. Konvooi 2 moet zich opnieuw formeren. Drie achtergebleven schepen sluiten weer aan bij konvooi 2. Dan gaat ook dit konvooi op weg. Het is een schitterende morgen. De zon schijnt en het landschap is prachtig. De Verlengde Hoogeveenschevaart is maar smal, maar heel mooi gelegen in een typisch Drentse coulissen landschap. Het is genieten en ook Joop kan zich niet inhouden. Plotseling meldt hij zich op de marifoon met de vraag: ’Weet iemand van de KNMC wat voor dieren dat zijn?’. Zijn vraag gaat over een groep dieren dat loopt te grazen op een weiland voor één van de boerderijen die wij passeren. ’Het zijn Alpaca’s, een kleine Lamasoort die door boeren gehouden wordt voor de wol’, is het antwoord. Leuk om te weten, maar ook een prachtig gezicht. We moeten 32 bruggen passeren, waarvan 26 beweegbare. Alle hulde aan de brugwachters, we kunnen ondanks al die bruggen praktisch steeds doorvaren. De meeste bruggen gaan al open als ons konvooi nadert. Voor de eerste sluis moeten we 20 minuten wachten. Omdat ook deze sluis een maximale capaciteit heeft voor vier schepen wordt ons konvooi weer gesplitst. We zijn vroeg in Gramsbergen. Om 16.20 komt ook het tweede deel van konvooi 1 aan in Gramsbergen. Joop staat samen met de havenmeester op ons te wachten en spoedig heeft iedereen een plaatsje. De laatsten van konvooi 2 komen nog net voor 17.00 uur aan en zijn, mede dankzij de hulp van de havenmeester snel afgemeerd.

Op woensdag 23 april hebben we een rustdag. Niet varen, maar wel allerhande andere activiteiten. Boodschappen doen, fietsen, lekker niksen, noem maar op. ’s Middags gaan we samen naar een ambachtelijke bierbouwerij, de Mommeriete Brouwerij. We krijgen daar uitleg over het ontstaan van het bierbrouwen, de geschiedenis van deze brouwerij, en wat er allemaal aan ambachtelijk bieren gebrouwen kunnen worden. Van 2% alcohol tot wel 10%, van donker tot blond en van bitter tot zoet, het wordt in deze kleine brouwerij allemaal gemaakt. Je kunt zelf je eigen smaak opgeven en zij maken het. Na de uitleg kunnen we proeven. Aansluitend hebben we een barbecue. ’s Avonds roept Joop ons bij elkaar voor een extra avondpalaver. In een telefoontje met het ontvangstcomité in Almelo is er wat onduidelijkheid ontstaan over de ligplaatsen die men ons in de haven in Almelo wil geven. Tot schrik van Joop wordt gezegd dat de haven vol was. De vraag is dus: ’Wat moeten wij als de haven vol is?’ Na wat heen en weer gepraat wordt er besloten te overleggen met de havenmeester in Gramsbergen. Hij biedt aan om met een paar van ons per auto naar Almelo te rijden. Joop, Fokke en Claus gaan mee. Als ze ter plekke zijn, blijkt de zaak door het ontvangstcomité al voor een groot deel te zijn opgelost. We krijgen ligplaatsen in een doodlopende kanaalarm waar we vier dik kunnen liggen. De vijf smalste boten kunnen door een brugje van iets meer dan 4 meter breed en kunnen wat verderop in de kanaalarm liggen.

Donderdag 24 april vertrekken we in één konvooi. Het is behoorlijk mistig. Maar met wat goed zeemanschap gaat het prima. De bruggen, het zijn er weer vele, worden ook nu weer op een zeer prettige manier bediend en we komen met elkaar om half twaalf aan bij de sluis. Vijf schepen kunnen nog geschut worden voordat het 12.00 uur is. De rest moet wachten. Maar na 13.00 uur kan een ieder naar de haven in Almelo varen. Hier worden we opgevangen door de commissie die ons een prima plaats toewijst het kanaal naast de haven. Op vrijdag kijken we wat rond en winkelen we in Almelo, een gezellige stad. Ook leuk: om 16.00 uur treedt het Schipperskoor op bij ons in de haven. ’s Avonds is het openingsdiner met de opening van het vaarseizoen van 2014. Op zaterdag vieren we Koningsdag, ook vandaag treedt het Schipperskoor op . Een ouderwets en daverend optreden, dat pas eindigt na dat er nog een stevige toegift is gegeven.

Daarna gaan we de stad nog wat in om te genieten van de Koningsdag. De zondag is een vrije dag. Iedereen zoekt zelf een dagvulling. In de namiddag gaan we samen naar een chinees, waar we lekker en gezellig eten.

Maandag 28 april vertrekken we weer, nu naar Zutphen. Joop heeft met de havenmeester uit Almelo afspraken gemaakt over de passage van de eerste twee bruggen. De havenmeester is ook degene die deze bruggen bedient. Er is een heel programma gemaakt om alle schepen op bepaalde tijden de bruggen te laten passeren. Joop heeft geregeld dat de bruggen voor konvooi 1 om 9.30 uur en voor konvooi 2 om 10.00 uur worden geopend. Daarna varen we door het kanaal Almelo-Haandrik en het Twentekanaal naar de sluis bij Eefde. Het schutten gaat erg vlot. Joop had de konvooien vooraf aangemeld. Er is geen beroepsverkeer dus staat de sluis, als we aankomen, voor ons open. Het is een beetje passen en meten maar we kunnen allemaal mee. En om 15.00 uur is konvooi 1 in de Marshaven, een half uurtje later arriveert het tweede konvooi.

Om vijf uur drinken we met elkaar wat in de kantine van de jachthaven en aansluitend heeft Joop een warm buffet geregeld. Het eten is prima. Tijdens en na het eten maken we er met elkaar een heerlijk feestje van. Een dansje en leuke meezingers op de CD. Veel enthousiasme en zingen uit volle borst.

Van Zutphen voert de tocht naar Zwolle. De tocht gaat via de IJssel. Stroomafwaarts varen met een gangetje van ongeveer 16 km/uur. Bij vertrek regent het flink, maar gaandeweg de tocht wordt het droger en als we bij de sluis aankomen is het echt droog. Na het schutten varen naar de binnenstad, waar we na enig gepuzzel allemaal een plaatsje vinden. Op woensdagochtend eerst boodschappen doen. ’s Middags is er een stadswandeling in de prachtige historische binnenstad van Zwolle. Stadsgids W. Leemereise leidt ons langs prachtige gebouwen waar de geschiedenis van 500 tot 800 na Chr. nog duidelijk van afstraalt. Vooral de Hanzegeschiedenis is leerzaam, met prachtige anekdotes en verhalen. De wandeling gaat langs de oude middeleeuwse stadsmuur en is schitterend. Via de gebouwen van het conservatorium en een paar imposante kerken komen we uit bij het museum ’De Fundatie’. Dan nog even met elkaar een verfrissing drinken op een terrasje. En daarna op naar het pannenkoekenschip voor een stapel heerlijke pannenkoeken.

Om 10.00 uur vertrekken we de volgende dag naar Vollenhove. De tocht gaat via het Zwarte Water, het Zwolsediep en het Vollenhoverkanaal. Het is zo’n 30 km. Om twee uur is het eerste konvooi in de passantenhaven van Vollenhove. De havenmeester is nog niet aanwezig, dus zoeken we onder leiding van Joop allemaal zelf een ligplaats. Een aantal schepen kunnen aan de wal, anderen vinden een plaats in een box. Om vijf uur verwacht Joop ons in café ’Het Saantje’. We hebben wat te vieren, Wim Brus is vandaag jarig. Dus nog snel een presentje gekocht en dan op stap. Het is erg gezellig binnen in het cafeetje. We zingen met z’n allen de jarige toe en het worden nog een paar leuke uurtjes.

Op vrijdag 5 mei vertrekken we om 10.00 uur en 10.30 uur. Het is maar een kort tochtje naar onze laatste pleisterplaats, Muggenbeet, zo’n tien kilometer maar. De sluis in Blokzijl verdeelt ons in kleine groepjes, maar dat is geen probleem. Vroeg in de middag leggen we aan in de Wetering bij Hotel-Restaurant Geertien. Er is ook nu iets te vieren, Gerrit Lambers is jarig. Dus heffen we voor hem het glas en zingen hem toe.’‘s Avonds wordt er een heerlijk diner geserveerd. Met de heerlijke sliptong op het bord hebben we een genoeglijke avond. Lekker napraten over de prachtige tocht die we samen hebben gehad. De conclusie is dat we een heerlijke, goed georganiseerde tocht hebben beleefd en dat het weer is meegevallen. Er zijn zelfs momenten geweest dat het zonnetje heerlijk heeft geschenen. De sluizen en de bruggen zijn naar ieders volle tevredenheid steeds perfect bediend. We hebben het, mede dankzij onze gezellige en sportieve club, dus uitstekend gehad. Tenslotte bedankt Joop samen met Janny nog een aantal mensen die hem geholpen hebben. En zo komt ook deze KNMC Toertocht weer tot een einde…

Rola en Fokke de Boer

Reacties zijn gesloten.